Een buitenkraan aansluiten is een praktische verbetering voor iedere tuin, schuur, garage of stal. Met een vaste buitenkraan hoef je niet langer een tuinslang door een raam of deur te leggen en heb je direct water beschikbaar op de plek waar je het nodig hebt. Je kunt een buitenkraan rechtstreeks aansluiten op de bestaande waterleiding in huis, maar ook via een ondergrondse tyleenslang naar een verder gelegen deel van de tuin. Welke methode het beste is, hangt af van de afstand, de gewenste wateropbrengst, de beschikbare waterdruk en de plaats waar de kraan wordt gemonteerd.
Voor een korte aansluiting aan de buitenmuur wordt vaak koper of een meerlagenbuis gebruikt. Voor een buitenkraan bij een schuur, paardenstal, tuinhuis of achter in de tuin is een PE-leiding, ook wel tyleenslang genoemd, meestal de meest praktische keuze. Op deze adviespagina lees je welke materialen je nodig hebt, welke diameter leiding geschikt is en hoe je stap voor stap een buitenkraan aansluit.
Wat heb je nodig om een buitenkraan aan te sluiten?
Welke materialen je nodig hebt, hangt af van de bestaande waterleiding en de gekozen route. Voor een buitenkraan die met tyleenslang wordt aangesloten, gebruik je doorgaans:
- een geschikte PE-waterleiding of tyleenslang;
- een afsluitkraan;
- een T-stuk voor de bestaande waterleiding;
- een overgang naar tyleen, zoals overgangskoppeling koper naar tyleen of de overgangskoppeling van tyleen naar meerlagenbuis;
- tyleenkoppelingen;
- een PE-muurplaat;
- een buitenkraan;
- geschikt afdichtingsmateriaal voor schroefdraad, zoals Kolmat afdichtingstape;
- een mantelbuis bij muur- of funderingsdoorgangen;
- bevestigingsmateriaal;
- eventueel een aftapkraan;
- waarschuwingslint voor ondergrondse leidingen.
Gebruik je de buitenkraan voor drinkwater of huishoudelijk gebruik, kies dan uitsluitend leidingen, koppelingen en kranen die daarvoor geschikt zijn.
Welke leiding gebruik je voor een buitenkraan?
Voor een buitenkraan kun je verschillende leidingmaterialen gebruiken. De belangrijkste mogelijkheden zijn koper, meerlagenbuis en PE.
Koper
Koper wordt veel gebruikt bij bestaande binneninstallaties. Het materiaal is sterk en geschikt voor zichtwerk, maar buiten of onder de grond is extra bescherming nodig. Een koperen leiding is vooral geschikt wanneer de buitenkraan direct aan de andere zijde van een binnenmuur wordt geplaatst.
Meerlagenbuis
Meerlagenbuis is flexibel en eenvoudig te verwerken. Het wordt veel toegepast in moderne binneninstallaties en kan met pers- of alu knelkoppelingen worden aangesloten. Ook deze leiding wordt vooral gebruikt voor korte trajecten vanuit de woning.
PE-leiding of tyleenslang
Voor een lange buitenwaterleiding is tyleen (PE) meestal de beste keuze. Een tyleenslang is flexibel, corrosiebestendig en eenvoudig ondergronds aan te leggen. PE is vooral geschikt voor:
- een buitenkraan achter in de tuin;
- een kraan bij een schuur;
- een kraan bij een stal;
- een aansluiting bij een tuinhuis;
- een watertappunt, zoals een drinkbak bij een paardenweide;
- beregening en tuinwater.
Gebruik voor een permanente drinkwaterleiding een daarvoor goedgekeurde tyleen leiding, voorzien van het KIWA keurmerk.
Welke diameter tyleenslang heb je nodig?
De juiste diameter hangt af van de leidinglengte, het gewenste debiet en het aantal tappunten. Voor een korte aansluiting naar één buitenkraan wordt vaak een tyleenslang van 20 of 25 millimeter gebruikt. Bij een langere afstand of wanneer je later meerdere tappunten wilt aansluiten, is 32 millimeter meestal gunstiger.
Welke diameter tyleenslang wordt vaak gebruikt?
Onderstaande tabel geeft een praktische indicatie van veelgebruikte diameters voor verschillende toepassingen en leidinglengtes.
| Situatie | Vaak gebruikte diameter |
|---|---|
| Korte leiding naar één buitenkraan | 20 of 25 mm |
| Buitenwaterleiding van 20 tot 50 meter | 25 of 32 mm |
| Lange leiding naar schuur of stal | 32 mm |
| Meerdere buitenkranen | 32 of 40 mm |
| Buitenwater plus beregening | 32 mm of groter |
| Grote agrarische watervraag | 40 mm of groter |
Let op: de juiste diameter hangt ook af van de leidinglengte, beschikbare waterdruk, het gewenste debiet en het aantal tappunten. Bij langere leidingen of een grotere watervraag is een ruimere diameter vaak verstandig.
Een grotere leidingdiameter veroorzaakt minder drukverlies. Vooral bij lange trajecten kan het verschil tussen 25 en 32 millimeter aanzienlijk zijn.
Hoeveel water levert een buitenkraan?
Een normale buitenkraan levert vaak ongeveer 10 tot 30 liter per minuut. De werkelijke hoeveelheid hangt af van:
- waterdruk in de woning;
- diameter van de toevoerleiding;
- lengte van de leiding;
- hoogteverschil;
- type buitenkraan;
- aanwezige afsluiters en filters;
- andere gelijktijdige waterverbruikers.
Je kunt het debiet eenvoudig meten met een emmer en stopwatch. Vul bijvoorbeeld een emmer van 10 liter en meet hoe lang dit duurt.
De formule is: Debiet in liter per minuut = inhoud emmer × 60 ÷ vultijd in seconden
Wanneer een emmer van 10 liter in 30 seconden volloopt, is het debiet: 10 × 60 ÷ 30 = 20 liter per minuut
Waar sluit je een buitenkraan op aan?
Een buitenkraan wordt aangesloten op de koudwaterleiding. Sluit de kraan niet aan op een warmwaterleiding. Kies bij voorkeur een leiding die voldoende capaciteit heeft. Een kleine toevoerleiding naar een wastafel is niet altijd geschikt wanneer je een hoog debiet wilt voor beregening.
Veelgebruikte aansluitpunten zijn:
- de koudwaterleiding in de meterkast;
- de leiding in een bijkeuken;
- de waterleiding in een kelder;
- de leiding in een kruipruimte;
- een bestaande leiding in een garage;
- een verdeelblok van de waterinstallatie.
Plaats altijd een afsluitkraan zodat de buitenleiding afzonderlijk kan worden afgesloten.
Moet een buitenkraan een afsluitkraan hebben?
Ja, een afzonderlijke afsluitkraan is sterk aan te raden. Hiermee kun je:
- de buitenleiding afsluiten bij vorst;
- onderhoud uitvoeren;
- een lekkende buitenkraan vervangen;
- de leiding aftappen;
- de rest van de woning onder druk houden.
Plaats de afsluitkraan op een bereikbare en vorstvrije locatie, bijvoorbeeld in de meterkast, bijkeuken, kelder of garage. Kies bij voorkeur een afsluiter met aftapmogelijkheid. Hiermee kun je het buitenste leidingdeel voor de winter leeg laten lopen.
Moet een buitenkraan een terugstroombeveiliging hebben?
Bij een buitenkraan kan verontreinigd water via een aangesloten tuinslang terugstromen naar de drinkwaterinstallatie. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren wanneer de slang in een vijver, regenton, zwembad of emmer ligt. Daarom is een passende terugstroombeveiliging belangrijk. Sommige buitenkranen hebben een ingebouwde beveiliging. In andere situaties wordt een losse keerklep, beluchter of geschikte beveiligingscombinatie gebruikt. Welke beveiliging nodig is, hangt af van de toepassing en de mogelijke verontreinigingsklasse. Laat bij twijfel de aansluiting controleren door een installateur.
Welke buitenkraan kies je?
Er bestaan verschillende soorten buitenkranen.
Standaard buitenkraan
Een gewone buitenkraan is betaalbaar en eenvoudig te monteren. De leiding moet bij vorst wel kunnen worden afgesloten en afgetapt.
Vorstvrije buitenkraan
Een vorstvrije buitenkraan sluit verder naar binnen in de muur af. Daardoor blijft in het buitenste deel minder water achter. Voor een goede werking moet de kraan correct worden gemonteerd en licht naar buiten aflopen. Laat ook bij een vorstvrije kraan geen tuinslang aangesloten tijdens vorst, omdat het water dan mogelijk niet kan weglopen.
Buitenkraan met beluchter of keerklep
Deze kraan heeft een voorziening die helpt voorkomen dat water vanuit de tuinslang terug de drinkwaterleiding instroomt.
Afsluitbare buitenkraan
Een afsluitbare kraan is handig op openbare of vrij toegankelijke plaatsen. De bediening kan bijvoorbeeld met een sleutel of losse hendel plaatsvinden.
Hoe sluit je een buitenkraan met tyleenslang aan?
Voor een buitenkraan op grotere afstand gebruik je meestal een ondergrondse PE-leiding.
De installatie bestaat globaal uit:
- aansluiting op de koudwaterleiding;
- afsluitkraan met eventueel aftappunt;
- overgang van binnenleiding naar PE;
- ondergrondse tyleenslang;
- PE-muurplaat of draadovergang;
- buitenkraan.
Stap 1: bepaal de route
Bepaal waar de buitenkraan komt en kies een zo kort en recht mogelijk leidingtraject. Vermijd waar mogelijk:
- grote boomwortels;
- funderingen;
- plaatsen waar later gebouwd wordt;
- onbereikbare koppelingen;
- onnodig veel bochten;
- sterk belast terrein.
Controleer vooraf of er kabels en leidingen in de grond liggen.
Stap 2: kies de juiste diameter
Bepaal de diameter op basis van afstand en watergebruik. Voor een enkele kraan op korte afstand kan 25 millimeter voldoende zijn. Voor een lange leiding of meerdere tappunten is 32 millimeter vaak een betere keuze. Gebruik de diametercalculator of drukverliescalculator om verschillende maten te vergelijken.
Stap 3: plaats een afsluitkraan
Maak een aftakking op de bestaande koudwaterleiding en plaats direct daarna een afsluitkraan. Wanneer je de buitenleiding wilt kunnen leegmaken, plaats je ook een aftapper. Zorg dat het aftappunt lager ligt dan het leidingdeel dat je wilt legen of zorg voor een andere manier om het water te verwijderen.
Stap 4: maak de overgang naar PE
De bestaande binnenleiding kan van koper, meerlagenbuis of kunststof zijn. Gebruik een systeemgeschikte overgang naar schroefdraad en vervolgens een tyleenkoppeling met binnen- of buitendraad. Controleer zorgvuldig:
- de leidingdiameter;
- de draadmaat;
- binnen- of buitendraad;
- drukklasse;
- drinkwatergeschiktheid.
Stap 5: graaf de sleuf
Voor een permanente buitenwaterleiding wordt vaak een diepte van ongeveer 60 tot 80 centimeter aangehouden. Breng onder de leiding een laag schoon zand aan. Verwijder stenen en bouwpuin. Onder een oprit of zwaar belast terrein is een mantelbuis aan te raden.
Stap 6: leg de tyleenslang
Rol de tyleenslang rustig uit en leg deze spanningsvrij in de sleuf. Maak ruime bochten en voorkom knikken. Gebruik alleen een PE-knie wanneer een scherpe hoek noodzakelijk is. Probeer de leiding uit één lengte aan te leggen. Hoe minder ondergrondse koppelingen, hoe kleiner het risico op lekkage.
Stap 7: monteer de muurplaat
Een PE-muurplaat zorgt voor een stevige overgang van tyleenslang naar buitenkraan. De muurplaat heeft meestal:
- een PE-knelaansluiting;
- een haakse vorm;
- binnendraad voor de kraan;
- bevestigingsgaten.
Monteer de muurplaat stevig op een gevel, paal of wand. Controleer of de draadmaat bij de buitenkraan past.
Stap 8: monteer de buitenkraan
Breng geschikt afdichtingsmateriaal aan op de schroefdraad. Dit kan bijvoorbeeld afdichtingskoord, hennep met geschikte pasta of PTFE-tape zijn, afhankelijk van de verbinding en voorschriften. Draai de kraan in de muurplaat. Zorg dat de kraan recht staat, maar draai kunststof draadverbindingen niet onnodig hard aan. Houd de muurplaat tegen bij het vastzetten, zodat geen spanning op de PE-leiding ontstaat.
Stap 9: test de installatie
Open de afsluitkraan langzaam en laat de leiding vollopen. Controleer alle verbindingen op lekkage. Laat de installatie enige tijd onder druk staan voordat je de sleuf dichtmaakt. Test ook de wateropbrengst aan de buitenkraan.
Stap 10: werk de leiding af
Dek de tyleenslang eerst af met schoon zand. Leg ongeveer 20 tot 30 centimeter boven de leiding waarschuwingslint. Vul daarna de sleuf verder met de uitgegraven grond. Verwijder grote stenen en verdicht de grond voorzichtig in lagen. Maak foto’s en noteer waar de leiding ligt.
Welke koppeling gebruik je bij de buitenkraan?
Bij de buitenkraan gebruik je bij voorkeur een PE-muurplaat of knie met binnendraad. Heeft de buitenkraan bijvoorbeeld ½ inch buitendraad, dan heb je een muurplaat met ½ inch binnendraad nodig. Een mogelijke maat is: 25 mm x ½ inch binnendraad
De aansluiting betekent:
- 25 millimeter aan de PE-zijde;
- ½ inch binnendraad aan de kraanzijde.
Controleer de draadmaat altijd voordat je bestelt.
Buitendraad of binnendraad kiezen
De algemene regel is eenvoudig:
- heeft het onderdeel buitendraad, dan heb je binnendraad nodig;
- heeft het onderdeel binnendraad, dan heb je buitendraad nodig.
Een standaard buitenkraan heeft vaak buitendraad aan de achterzijde. Daarom wordt meestal een muurplaat of tyleenkoppeling met binnendraad gebruikt.
Buitenkraan aansluiten – klikbaar montageschema
Klik op een onderdeel in het montageschema om het bijpassende product direct bij PVCVoordeel te bekijken.
Voor het afzonderlijk afsluiten en winterklaar aftappen van de buitenleiding.
Bekijk afsluitersVoor het maken van een aftakking op de bestaande koudwaterleiding.
Bekijk T-stukkenVoor de verbinding van de binnenleiding naar de PE-leiding of tyleenslang.
Bekijk koppelingenBeschermt de leiding bij de muurdoorvoer en voorkomt beschadiging.
Bekijk mantelbuizenZorgt voor een stevige overgang van tyleenslang naar de buitenkraan.
Bekijk muurplaatVoor het aansluiten van een tuinslang, snelkoppeling of kraanstuk.
Bekijk buitenkraanFlexibele PE-waterleiding voor ondergrondse aanleg richting de buitenkraan.
Bekijk tyleenslangOm het buitenste leidingdeel vóór de winter volledig leeg te kunnen maken.
Bekijk aftapkranenLet op: controleer voor bestelling altijd de leidingdiameter, draadmaat en drinkwatergeschiktheid van de gekozen onderdelen. Leg een buitenleiding vorstvrij aan en zorg ervoor dat deze in de winter kan worden afgesloten en afgetapt.
Welke merken koppelingen kun je gebruiken?
Voor een buitenkraan met tyleenslang kun je verschillende merken gebruiken. Gebruik onze handige keuzehulp voor tyleenkoppelingen om de snel de juiste tyleenkoppeling voor jouw situatie te vinden.
Unidelta
Een Unidelta tyleenkoppeling is een praktische keuze voor normale waterleidingen en biedt een breed assortiment koppelingen, T-stukken, knieën en draadovergangen.
VDL
Een VDL tyleenkoppeling is geschikt voor degelijke PE-installaties en overgangen tussen PE en PVC.
Isiflo Sprint
Een Isiflo Sprint koppeling is interessant wanneer snelle montage belangrijk is. De leiding wordt bij geschikte uitvoeringen rechtstreeks in de koppeling gestoken.
Isiflo messing
Een Isiflo messing koppeling is geschikt voor compacte en professionele overgangen naar kranen, pompen en metalen onderdelen.
Hawle
Een Hawle tyleenkoppeling voor water wordt vooral toegepast bij zware en professionele waterinstallaties. Voor een gewone tuinbuitenkraan is dit meestal niet nodig.
Op welke hoogte plaats je een buitenkraan?
Een buitenkraan wordt vaak ongeveer 50 tot 80 centimeter boven het maaiveld geplaatst. Dit is meestal een comfortabele hoogte voor het aansluiten van een tuinslang en het vullen van een emmer. De ideale hoogte hangt af van de toepassing. Voor het vullen van gieters kan een lagere plaatsing handig zijn. Bij een paardenstal of werkplaats kan een hogere kraan prettiger zijn. Zorg in ieder geval voor voldoende ruimte onder de uitloop. Plaats de kraan niet te dicht bij de bestrating. Een aangesloten koppeling of slang moet vrij kunnen bewegen.
Hoe sluit je een buitenkraan direct door de muur aan?
Wanneer de koudwaterleiding direct achter de buitenmuur loopt, kan de aansluiting relatief eenvoudig zijn. Bepaal eerst de positie van de buitenkraan. Controleer of je aan de binnenzijde veilig kunt aansluiten zonder elektrische leidingen of andere installaties te raken. Boor vervolgens een passende doorvoer door de muur. Laat de doorvoer bij voorkeur licht naar buiten aflopen, zodat eventueel water niet naar binnen stroomt. Plaats een mantelbuis of beschermhuls in de muur. Voer de waterleiding hierdoor naar buiten. Monteer aan de buitenzijde een stevige muurplaat. De kraan mag niet alleen aan de leiding hangen, omdat bediening anders spanning op de koppelingen veroorzaakt. Sluit de leiding aan, dicht de schroefdraad af en test de verbinding.
Hoe voorkom je vorstschade?
Een buitenkraan is kwetsbaar voor vorst, vooral wanneer water in de kraan en buitenleiding achterblijft. Voor een standaard buitenkraan volg je voor de winter deze stappen:
- sluit de binnenafsluiter;
- open de buitenkraan;
- open het aftappunt;
- laat het water uit het leidingdeel lopen;
- laat de buitenkraan bij voorkeur open;
- verwijder de tuinslang en snelkoppeling.
Een aangesloten tuinslang kan water vasthouden en voorkomen dat de kraan goed leegloopt. Bij een lange ondergrondse leiding kan volledig aftappen lastig zijn. Leg de leiding daarom voldoende diep of ontwerp de installatie met afschot en een laaggelegen aftappunt.
Is een vorstvrije buitenkraan altijd veilig?
Een vorstvrije buitenkraan verkleint de kans op vorstschade, maar moet correct worden geplaatst. Belangrijk is dat:
- het afsluitmechanisme aan de warme zijde van de muur zit;
- de kraan licht naar buiten afloopt;
- water na het sluiten kan weglopen;
- geen tuinslang aangesloten blijft;
- de montage-instructies worden gevolgd.
Wanneer de slang aangesloten blijft, kan water in de kraan opgesloten raken. Ook een vorstvrije buitenkraan kan dan beschadigen.
Kan een buitenkraan op een regenwaterpomp worden aangesloten?
Ja, een buitenkraan kan op een regenwaterpomp worden aangesloten. Gebruik deze kraan dan niet als drinkwaterkraan en voorkom iedere ongewenste verbinding met de drinkwaterinstallatie. Voor regenwater kun je de buitenkraan gebruiken voor:
- tuinberegening;
- schoonmaken;
- voertuigen wassen;
- vullen van gieters;
- doorspoelen van niet-drinkwatertoepassingen.
De pomp moet voldoende druk en debiet leveren. Controleer de pompcurve en houd rekening met drukverlies in de leiding.
Kan een buitenkraan op een bronpomp worden aangesloten?
Ook dat is mogelijk. Je kunt een buitenkraan op een bronpomp aansluiten. Bepaal vooraf:
- beschikbaar brondebiet;
- pompdruk;
- opvoerhoogte;
- leidinglengte;
- gewenste wateropbrengst;
- kwaliteit van het bronwater;
- eventueel benodigde filters.
Gebruik een geschikte terugslagklep en drukregeling wanneer het pompsysteem dat vereist.
Kan een buitenkraan samen met beregening worden aangesloten?
Ja. Een hoofdleiding kan zowel een buitenkraan als een beregeningsinstallatie voeden. Gebruik bij voorkeur een hoofdleiding van voldoende diameter, bijvoorbeeld 32 millimeter of groter, afhankelijk van lengte en debiet. Maak afzonderlijke aftakkingen en afsluiters voor:
- de buitenkraan;
- de beregeningsverdeler;
- eventuele druppelzones;
- andere tappunten.
Houd er rekening mee dat gelijktijdig gebruik de beschikbare druk verlaagt. Een buitenkraan openen terwijl de beregening actief is, kan het sproeibereik van de sproeiers verminderen.
Waarom komt er weinig water uit de buitenkraan?
Een lage wateropbrengst kan verschillende oorzaken hebben. Mogelijke oorzaken zijn:
- een te kleine toevoerleiding;
- een lange leiding met veel drukverlies;
- een gedeeltelijk gesloten afsluiter;
- een vervuilde keerklep;
- een verstopte kraan;
- een geknikte tyleenslang;
- een te kleine koppeling;
- onvoldoende waterdruk;
- andere actieve watergebruikers;
- groot hoogteverschil.
Meet eerst het debiet met een emmer en controleer vervolgens de dynamische druk. Wanneer de leidingdiameter te klein is, is vervangen door een grotere tyleenslang vaak effectiever dan een zwaardere kraan.
Waarom lekt een buitenkraan?
Een buitenkraan kan lekken bij:
- de uitloop;
- de bedieningsspindel;
- de schroefdraadaansluiting;
- de muurplaat;
- een koppeling in de leiding.
Lekt de kraan uit de uitloop terwijl deze gesloten is, dan is mogelijk het binnenwerk of afdichtrubber versleten. Lekt de verbinding bij de muurplaat, sluit dan eerst de watertoevoer af. Demonteer de kraan, controleer de schroefdraad en breng nieuw afdichtingsmateriaal aan. Draai de verbinding niet steeds harder aan zonder de oorzaak te controleren. Vooral kunststof aansluitingen kunnen daardoor beschadigd raken.
Mag een buitenkraan alleen aan de leiding hangen?
Nee. Een buitenkraan moet stevig aan een muurplaat, wandplaat of andere vaste constructie worden bevestigd. Tijdens het openen, sluiten en aansluiten van een tuinslang komt kracht op de kraan. Wanneer deze alleen aan de leiding hangt, kunnen koppelingen losraken of leidingen beschadigen. Gebruik een muurplaat met degelijke bevestigingspunten en geschikte schroeven en pluggen.
Hoe sluit je een Gardena-koppeling aan?
Op de uitloop van de buitenkraan plaats je een kraanstuk dat past bij de buitendraad van de kraan. Veelgebruikte maten zijn:
- ½ inch;
- ¾ inch;
- 1 inch.
Controleer de draadmaat en kies een passend kraanstuk. Daarna kun je een slangstuk of snelkoppeling aansluiten. Gebruik het kraanstuk alleen aan de uitloopzijde van de kraan. De aansluiting aan de achterzijde vraagt meestal een andere maat of uitvoering.
Veelgemaakte fouten bij het aansluiten van een buitenkraan
Een veelgemaakte fout is het ontbreken van een binnenafsluiter. Bij lekkage of vorst kan de buitenleiding dan niet afzonderlijk worden afgesloten. Een tweede fout is een te kleine leidingdiameter kiezen. Vooral bij lange afstanden geeft dit veel drukverlies. Ook wordt de buitenkraan soms alleen aan de leiding bevestigd. Hierdoor ontstaat mechanische belasting op de koppelingen. Een andere fout is geen terugstroombeveiliging toepassen terwijl een tuinslang in vervuild water kan liggen. Verder wordt een tyleenslang soms te ondiep ingegraven. Hierdoor kan de leiding bevriezen of tijdens tuinwerkzaamheden worden geraakt. Ook wordt de installatie regelmatig dichtgegooid zonder eerst een druktest uit te voeren. Tot slot blijft de tuinslang in de winter aangesloten. Hierdoor kan de kraan niet goed leeglopen en ontstaat vorstschade.
Stappenplan buitenkraan aansluiten
Bepaal eerst de plaats van de buitenkraan en het aansluitpunt op de koudwaterleiding. Meet daarna de leidinglengte en kies een passende diameter. Plaats een afzonderlijke afsluitkraan met eventueel een aftappunt. Maak met geschikte koppelingen de overgang van de bestaande binnenleiding naar de PE-leiding. Leg de tyleenslang op de juiste diepte in een schoon zandbed. Monteer een stevige muurplaat op de gewenste plaats. Schroef de buitenkraan met geschikt afdichtingsmateriaal in de muurplaat. Open de watertoevoer langzaam en test alle verbindingen. Controleer het debiet en de waterdruk. Werk de leiding pas af nadat de volledige installatie lekvrij is.
Conclusie
Een buitenkraan aansluiten begint met een goede keuze van het aansluitpunt, de leidingdiameter en de gebruikte koppelingen. Voor een kraan direct aan de buitenmuur kan een korte aansluiting met koper of meerlagenbuis voldoende zijn. Voor een buitenkraan verder in de tuin, bij een schuur of bij een stal is een ondergrondse tyleenslang meestal de beste oplossing. Gebruik een afzonderlijke afsluitkraan en zorg dat de buitenleiding kan worden afgetapt of voldoende tegen vorst is beschermd. Monteer de buitenkraan altijd op een stevige muurplaat en controleer of een passende terugstroombeveiliging nodig is. Kies bij een lange leiding liever een ruimere diameter. Een grotere tyleenslang beperkt het drukverlies en zorgt voor een betere wateropbrengst. Test alle verbindingen voordat je de sleuf dichtmaakt. Met een correcte montage, goede PE-koppelingen en een geschikte buitenkraan leg je een betrouwbare watervoorziening aan waar je jarenlang gebruik van kunt maken.
Bekijk ook:
Hoe diep moet een tyleenslang worden ingegraven?
Welke diameter tyleenslang heb ik nodig?
Ja, een ervaren doe-het-zelver kan een buitenkraan aansluiten. Bij twijfel over drinkwaterveiligheid, terugstroombeveiliging of de bestaande binneninstallatie is het verstandig een installateur in te schakelen.
Voor een korte binnenaansluiting kun je koper of meerlagenbuis gebruiken. Voor een lange ondergrondse leiding is PE of tyleenslang meestal het meest praktisch.
Voor een korte leiding is 20 of 25 millimeter vaak voldoende. Bij langere afstanden is 32 millimeter vaak een betere keuze.
Voor een permanente waterleiding wordt meestal ongeveer 60 tot 80 centimeter aangehouden.
Gebruik bij voorkeur een PE-muurplaat of knie met binnendraad die past bij de buitendiameter van de leiding en de draadmaat van de kraan.
Veel buitenkranen hebben aan de achterzijde buitendraad. Je hebt dan een muurplaat of koppeling met binnendraad nodig.
Een afzonderlijke binnenafsluiter is sterk aan te raden. Hiermee kun je de buitenleiding afsluiten, onderhouden en aftappen.
Een standaard buitenkraan moet voor de winter bij voorkeur worden afgesloten en afgetapt.
Alleen bij correcte montage en wanneer geen tuinslang aangesloten blijft. Het buitenste deel moet na het sluiten kunnen leeglopen.
Een passende terugstroombeveiliging is belangrijk om te voorkomen dat vervuild water vanuit de slang in de drinkwaterinstallatie terechtkomt.
Vaak wordt ongeveer 50 tot 80 centimeter boven het maaiveld aangehouden. Pas de hoogte aan de toepassing aan.
Een normale buitenkraan levert vaak ongeveer 10 tot 30 liter per minuut, afhankelijk van druk en leidingdiameter.
Ja, mits de pomp bij het gewenste debiet voldoende druk levert en de installatie correct is opgebouwd.
Ja. Gebruik een voldoende ruime hoofdleiding en plaats afzonderlijke afsluiters voor de verschillende aftakkingen.
Plaats een kraanstuk met de juiste draadmaat op de uitloop van de buitenkraan en klik hierop de tuinslangkoppeling.